|






































| |
(Contact:
dehartspiegel@tele2.nl - 077-4771898 )
Op deze pagina vindt u een artikel dat
eerder gepubliceerd
werden in het "Bulletin" (vakblad van de NVRT).
Het gaat vooral in op de door mevrouw Loftes
ontketende heksenjacht.
Verder is er een korte beschouwing over iets wat zeker wél
voorkomt; verkeerd geïnterpreteerde herbelevingen.
Tenslotte volgt een korte tekst over geheugen.
S
De heksenjacht van het NIP
door Hilda Musch, lid NVRT.
(Eerder gepubliceerd in Het Bulletin,
jaargang 1997, nummer 6)
Zelfs de TV-journalisten zijn bevooroordeeld!
In de week van 14 tot en met
20 oktober 1997 was Elisabeth Loftus in Nederland om lezingen te geven over haar
'false memory' theorie. Als waarschijnlijk gevolg van haar bezoek werd die week in
een aantal actualiteitenprogramma's aandacht besteed aan herinneringen die
tijdens de therapie kunnen ontstaan door toedoen van de therapeut.
Elisabeth Loftus
Allereerst kwam Loftus zelf aan het woord tijdens de uitzending
van Netwerk op 14-10-97, alwaar zij haar bekende voorbeeldverhaal
vertelde, over het onderzoek dat ze deed in een groep studenten. Hierbij heeft
ze zelf opzettelijk een false memory gecreëerd. De personen in kwestie werd
wijsgemaakt dat ze ooit, als kind, verdwaald waren in een warenhuis en dat ze
uiteindelijk terug werden gebracht door een bepaalde persoon. Aanvankelijk
konden de proefpersonen zich hier niets van herinneren, maar na lang genoeg
aandringen van Loftus ontstonden 'als vanzelf' (ha,ha) de false memories. Hiermee is voor
Loftus het onomstotelijke bewijs geleverd dat dit zelfde mechanisme werkzaam is
bij cliënten die zich gedurende hun therapie bewust worden van het feit dat ze
seksueel misbruikt zijn in hun jeugd. Uit de moeite die ze had om de
studenten dit materiaal op te dringen had ze logischer een tegenovergestelde
conclusie kunnen trekken.
Witteman en Maas ...
Met 'verdwaald zijn in een warenhuis' werd deze week dan ook de aanval geopend
op alles wat onder de vlag vaart van hypnose, regressie, reïncarnatietherapie,
droomtherapie enzovoort. Paul Witteman was de eerste die het vuur opende tegen
regressie- en hypnotherapeuten in het programma B&W café van 15-10-97. In
de studio was Regressie- /hypnotherapeut P. Maas uitgenodigd (SETH). Maas legde
geduldig aan de drie andere studiogasten uit wat nu eigenlijk regressietherapie
behelst. Voor hem gaan herinneringen terug tot in vorige levens. Hij heeft
middels regressie zeer goede praktijkresultaten behaald. Maas kreeg het zwaar te
verduren, want de vier andere aanwezigen inclusief Witteman waren het duidelijk
met elkaar eens dat regressietherapie een zeer gevaarlijke bezigheid is. Maas
zijn betoog werd van tafel geveegd, omdat zijn voorbeelden niet te bewijzen
waren op een voor hen wetenschappelijk verantwoorde manier. Ongezouten werd dit
dan ook geuit en regressietherapie werd aan de kaak gesteld als een zeer
omstreden en gevaarlijke vorm van therapie.
... en Wolters en Van Koppen
De aanwezige tegenstanders waren G. Wolters, psycholoog en werkzaam als
geheugendeskundige, en P. van Koppen als gerechtspsycholoog. Aanwezig was ook
moeder A. de Jong, die door haar dochter werd beschuldigd van seksueel misbruik.
Haar dochter ging aanvankelijk in therapie omdat ze was verkracht door vijf
mannen. Ze deed aangifte bij de politie. Omdat ze een black-out had, kreeg zij
door de politie een hypnotherapeut toegewezen. Men wilde op deze manier
informatie over de daders naar boven halen. Tijdens de hypnose begon de dochter
echter niet alleen over de verkrachtingszaak te vertellen, maar ook over een
uittreding, satan en een incubus. Volgens moeder de Jong heeft de hypnotherapeut
haar dochter toen de instructie gegeven dat ze alles moest vergeten. Vervolgens
heeft de therapeut haar verteld wat ze zich moest gaan herinneren.
Een week later werd de dochter naar een meneer gebracht die expert was in
satanische culten. Deze stelde vragen onder het citeren van het Latijnse
malevorium als: bent u met velen? Waarop dochterlief volmondig ja
antwoordde. In therapie kwam de herinnering aan het misbruik door moeder naar
boven. Moeder zou lid zijn geweest van een satanische sekte en dochter werd door
moeder en de aanhangers van de clan misbruikt.
Turbulent
Moeder vertelde dat haar dochter voor aanvang van de therapie weliswaar manisch
depressief was, medicijnen gebruikte, wat turbulent was, maar verder prima
functioneerde. Ze was vooral een prima moeder.
Wolters vulde dit verhaal aan door te zeggen dat het geheugen in staat is om
bepaalde gebeurtenissen te creëren, die nooit hebben plaatsgevonden. Ze ontstaan
op aandringen van de therapeut. Hier waren volgens hem tientallen voorbeelden
van te geven, onder andere het onderzoek van Loftus. Regressie- herinneringen
zijn volgens hem pseudoherinneringen die niet te verifiëren zijn.
Labiele mensen
Witteman stelde de vraag of men met herinneringen, opgekomen tijdens de
regressie, naar de politie kan stappen. Hierop antwoordde Van Koppen dat de
zaken die in regressies naar boven komen meestal zo bizar zijn, dat als je hier
al mee naar de politie gaat, je gewoon weg niet wordt geloofd of wordt
uitgelachen. Einde van het liedje is dat de beschuldigde daders worden
vrijgesproken. De geheugendeskundige vulde dit aan met de opmerking dat mensen
die naar een regressietherapeut gaan labiele mensen zijn, die langzaam aan
richting probleem worden gedrukt. Moeder de Jong regeerde met: 'Ja, mijn dochter
heeft inmiddels 126 persoonlijkheden.' Waarop regressietherapeut Maas zich
verdedigde door te zeggen dat hij alleen met stabiele mensen werkt, mensen die
zo in het leven staan dat ze de verantwoordelijkheid voor hun eigen leven nemen
en de problemen in zichzelf willen oplossen.
Mag dit zomaar?
Witteman stelde de vraag of deze praktijken van regressietherapie zo maar mogen?
Waarop de rechtspsycholoog antwoordde dat dit helaas mag in Nederland, als je
maar niet buiten de wet treedt. Hij beschouwt dit soort praktijken als een
jungle en alleen de officiële vereniging voor psychotherapeuten, het NIP, neemt
hij serieus. Volgens hem had 70 jaar onderzoek aangetoond dat het toepassen van
hypnosetechnieken schadelijk is. Conclusie van het betoog was dat de overheid
regels en beperkingen moet opstellen tegen de praktijken van Maas en zijn
collega's. P. Maas bleef bij dit alles onverstoorbaar en overtuigd van zijn
positieve beeld van regressietherapie.
Witteman eindigde door Maas te bedanken voor het feit dat hij zich met verve had
verdedigd. Hieruit mogen we concluderen dat het voor aanvang van het programma
al vaststond dat het een aanval zou worden tegen Maas.
Op 16 oktober was het opnieuw raak. In Netwerk werd een aantal
slachtoffers van therapeuten opgevoerd. Koppen voerde nogmaals zijn betoog tegen
regressietherapeuten op, aangevuld met nieuwe getuigenverklaringen van
slachtoffers die onherkenbaar in beeld kwamen.
Hoezo neutraal ?
Opvallend in deze programma's is, dat de presentatoren volledig op de hand zijn
van de tegenstanders. Ze laten dit ook duidelijk blijken aan het kijkerspubliek
en hiermee wordt vervolgens een soort heksenjacht geopend, met Loftus als
inquisiteur in de voorhoede. Van een neutraal standpunt tegenover beide partijen
is duidelijk geen sprake. De vraag is of dit de oorspronkelijke bedoeling is van Loftus. Wil zij dit bereiken met haar onderzoek?
Klaarblijkelijk wordt er door Witteman en zijn collega's totaal geen onderzoek
gedaan naar wat regressietherapie nu eigenlijk behelst en waar het voor staat en
hoe valide het zogenaamde onderzoek van Loftus wel of niet is.
Onder het mom van wetenschap wordt er lekker geschopt naar wat de reguliere
heren het meest niet aanstaat, namelijk therapievormen die gebruik maken van het
ophalen van herinneringen. Therapieën worden over één kam geschoren. Ook wordt
er niet gekeken naar wat het slachtoffer nu eigenlijk wil uitdrukken met het
opgekomen incestverhaal.
De vraag naar het waarom
Natuurlijk kunnen we het gedeeltelijk eens zijn met de stelling dat er wel eens
iets mis kan gaan in therapeutenland. (zie ook de pagina 'gezondheidszorg'
vanaf alinea 16) Blijkbaar zijn de heren psychologen er
echter nog niet aan toe om zich te verdiepen in de vraag naar het waarom.
Als het al gebeurt, waarom
creëert iemand dan een false memory? Zou een dergelijk door de geest gecreëerd
trauma een metafoor kunnen zijn voor een bepaald basaal gevoel in het leven van
die persoon? De vraag is dan ook terecht gesteld of die persoon hier
daadwerkelijk mee naar de politie moet stappen om zijn ouders aan te geven. Toch
mag je dergelijke herinneringen niet allemaal bagatelliseren onder het mom van false memory, zoals dit gebeurt door deze heren. Hiermee laat je namelijk je
cliënt in de kou staan en dat kan nooit de bedoeling zijn van therapie. Als er
echt iets aan de hand is, kan het voor het slachtoffer en zijn omgeving soms
daadwerkelijk nodig zijn om aangifte te doen.
Mogelijkheden voor daders
Er zit nog een gevaarlijk kantje aan deze heksenjacht. Het zou namelijk wel eens
kunnen dat dit soort discussies voor daders mogelijkheden creëert om hun daden
af te doen als gecreëerde herinnering, ontstaan gedurende de therapie. Hoe bizarder datgene is wat ze hun slachtoffer hebben aangedaan, des te sneller zal
een rechter overtuigd zijn van een false memory. Satanisch ritueel misbruik
bestaat immers niet, volgens Wolters en Van Koppen.
Als interessante
aanvulling bij dit artikel het volgende.
Het "University College" In Londen
heeft het schijnonderzoek
van mevrouw Loftus eens tegen het licht gehouden. Haar
zogenaamde onderzoek blijkt geen enkele wetenschappelijke toets
te kunnen doorstaan.
Daarom deed het instituut zelf een onderzoek onder therapeuten
in het verenigd koninkrijk die met onderbewuste herinneringen werken.
Zij concluderen dat het bijzonder moeilijk is (ook in trance) om
cliënten schijnherinneringen op te dringen en dat er bij de door hen
onderzochte therapeuten in ieder geval geen enkele sprake was van
door therapeuten ingeplante valse herinneringen.
De gretigheid waarmee reguliere therapeuten en
journalisten
de beweringen
van mevrouw Loftus kritiekloos overnemen
zegt dus vooral iets over
hun eigen angsten en vooroordelen.

Verkeerd geïnterpreteerde
herbelevingen.
Vrijwel iedereen die aanwezig geweest is bij herbelevingen
van ervaringen uit het verleden, zeker als dat gaat om seksueel misbruik,
is onder de indruk van de echtheid van de verschijnselen
die de betreffende cliënt vertoont.
Ik heb bij demonstratiesessies
herhaalde malen van
aanwezige toeschouwers gehoord
dat ze het onmogelijk achtten
dat de betreffende cliënt
deze belevingen verzon of slechts speelde.
Indien dat laatste het geval zou zijn, zouden ze onmiddellijk
moeten afreizen naar Hollywood voor een grootse carrière.
Bij therapeuten die hardnekkig blijven
vasthouden aan het geloof
dat mensen slechts één leven leven, kan de confrontatie met
dergelijke levensechte verschijnselen slechts tot de conclusie leiden,
dat het beleefde misbruik te maken heeft met ervaringen
uit de vroege jeugd, al of niet van incestueus karakter.
Natuurlijk komt er ook tegenwoordig seksueel misbruik
van kinderen voor, ook in onze samenleving.
Maar als gevolg van het gebrekkige onderscheid dat door de
één-leven-aanhangers, welhaast noodgedwongen, gemaakt wordt,
heeft dat helaas zeer ernstige en traumatiserende gevolgen
voor de volwassenen die vervolgens beschuldigd worden.
Reïncarnatietherapeuten ﴾van de NVRT﴿ daarentegen zijn in
staat om zodanig
door te gaan met onderzoeken, dat duidelijk wordt of het misbruik
uit het huidige leven dan wel uit een vorig leven stamt. Daarmee
wordt een heleboel nodeloze en onterechte ellende voorkomen.

Geheugen:
Hoewel 'wetenschappers' graag anders doen
voorkomen,
is er feitelijk nog niet zo veel bekend over de werking van het geheugen.
Hersenonderzoek met behulp van scans.
Professor Doctor Mario Simoes uit
Portugal is hersenspecialist.
Hij heeft onderzoek gedaan naar de stadia
van bewustzijn
tijdens herinneringen van diverse soort.
a. Hij liet studenten zich iets herinneren dat in hun jeugd was gebeurd
en
hij onderzocht studenten toen zij zeer vroege
jeugdherinneringen
uit hun huidige leven herbeleefden. Dergelijke herinneringen
zijn verifieerbaar,
namelijk bij de ouders van de 'cliënt'.
Tegelijkertijd maakte hij hersenscans. Bij alle
proefpersonen
was het hersengebied dat actief was (X) hetzelfde.
b. Vervolgens liet hij de deelnemers een verhaal verzinnen
met de opdracht
zich dat sterk in te beelden. Het hersengebied
dat activiteit vertoonde was een duidelijk ander gebied (Y).
c. Daarna liet hij de deelnemers in reïncarnatietherapie
naar een vorig
leven gaan . Daarbij beleefden zij dus herinneringen
die in een
andere tijd en in een ander lichaam zijn ontstaan.
Bij deze herbelevingen en bij het vertellen
over die ervaringen
vertoonden de hersenen activiteit in het zelfde gebied (X)
als waar de
verifieerbare herinneringen zaten en dus niet in het
fantasiegebied.
In hun therapiepraktijk gaan
reïncarnatietherapeuten er van uit
dat herinneringen een weergave zijn van de beleving, en dus geen
kopie van de gebeurtenis.
In tegenstelling tot de vooronderstellingen in het reguliere veld
gaan zij er van uit dat er naast het daar wel geaccepteerde
expliciet geheugen (verbaal en bewust), ook een impliciet geheugen
bestaat (lichaamsgeheugen, 'onbewust') dat gedragingen en ervaringen
nu juist zo sterk beïnvloedt, omdat het doorgaans zo onbewust is.
Traumatische herinneringen zijn
ervaringstoestanden waarin minstens
een deel van het bewustzijn van de persoon geblokkeerd of afwezig is.
Daarmee hebben ze sterke overeenkomsten met impliciet geheugen.
Hoewel de grote meerderheid der 'geestes'wetenschappers er van blijft
uitgaan dat er van voor het derde/vierde levensjaar geen of nauwelijks
herinneringen kunnen zijn, heeft onderzoek van D. Schachter en anderen
al lang laten zien, dat er in het prenatale al sprake is van
geheugen,
zelfs in een stadium dat de ontwikkeling v.d. hersenen nog op gang
moet komen.
Vorige levensherinneringen zijn echt voor de cliënt en kunnen iemands
leven
ernstig overhoop halen, maar zijn indien vakkundig begeleid ook in staat
iemands groei naar een werkelijke volwassen vrijheid te stimuleren..
|