|
(Contact:
dehartspiegel@tele2.nl - 077-4771898
)
Voorwoord
Deze ‘brochure’ zal uitgebreider ingaan op wat u op de
pagina
"Reïncarnatietherapie" al in zeer beknopte vorm hebt kunnen lezen.
Ze zal u door middel van een eenvoudige uitleg van de hoofdlijnen,
verduidelijkt met praktijkvoorbeelden, kennis laten maken met
reïncarnatietherapie. Naar onze opvattingen is deze relatief nieuwe
therapievorm, mits toegepast door goede practisch en theoretisch
geschoolde therapeuten, die ook intensief aan hun eigen proces
hebben gewerkt, één van de meest effectieve therapieën voor een
optimaler gezond leven. Zowel lichamelijke klachten, emotionele
problemen als ook mentale verwarring die al enige tijd duren
worden bij de wortels aangepakt. Bovendien biedt zij een enorme
steun bij zingevingsvraagstukken (Wie ben ik ? Waartoe ben ik
hier ?). Voorwaarde voor het effectief kunnen werken, is echter
vooral dat de cliënt geïnteresseerd is in
inzicht.
Wij noemen onze aanpak holistisch, omdat wij
voortdurend de
éénheid en samenhang van lichamelijke, emotionele, mentale en
spirituele aspecten voorop stellen. Wij werken er met de cliënten
steeds aan dat zij in zelfwerkzaamheid en vanuit de eigen
verantwoordelijkheid het proces waarin zij verwikkeld zijn geraakt
ontwarren. Zo kunnen zij zelf de eigen genezing ter hand nemen
en zich verder ontwikkelen in het eigen proces van bewustzijns-
groei als mens.
In de volgende tekst zijn in de voorbeelden uiteraard
de achtergronden
van cliënten veranderd, zodat zij onherkenbaar blijven. Wat in de
voorbeelden misschien erg simpel lijkt, gaat steeds per sessie om
ongeveer twee uur hard werken voor zowel cliënt als therapeut.
Hoewel wij graag met de nodige humor werken, is het in therapie
gaan op zich geen pleziervaart en is het vaak nodig om ook de
donkere aspecten van ons menszijn uit de schaduw te halen en
onder ogen te zien
In onze praktijk werken wij veel met
reïncarnatietherapie, maar
gebruiken wij ook allerlei andere werkvormen, afhankelijk van
wat wij, in overleg met de cliënt, wenselijk achten. Wij nemen
waar dat door onze manier van werken bij veel cliënten een totaal
nieuw zicht op hun werkelijkheid ontstaat. Van binnenuit bloeit er
een wens op om verder te groeien. Ook neemt het inzicht toe, dat
iedereen zijn eigen werkelijkheid creëert. Daardoor laten mensen
het slachtofferschap los en gaan actiever en/of bewuster aan de
gang met hun eigen leven. Daarin is dan geen plaats meer voor een
van buitenaf opgelegde moraliteit (normen en waarden die moeten
worden ‘afgedwongen’) en die is ook niet meer nodig. In een
toenemende vrijheid richten mensen zich dan op het nemen van de
volle verantwoordelijkheid voor hun eigen denken en doen. Bij
velen krijgt het leven een concretere, gerichtere,
spirituelere dimensie.

Ñ Aanwijzingen.
Er zijn voor ons veel aanwijzingen dat reïncarnatie de
werkelijkheid is.
De belangrijkste daarvan zijn:
-
De bijzondere
mogelijkheden van zogenaamde wonderkinderen.
Mozart bijv. had o.i. zijn bijzondere muzikaliteit dus al eerder
ontwikkeld.
-
De
getuigenissen van mensen met een
Bijna
Dood
Ervaring.
-
Het buitengewoon gedegen
onderzoek van prof. I. Stevenson
onder kinderen met spontane vorige-levens-herinneringen.
-
De ervaring van mensen
met meer kinderen, die aan hun
verschillen opmerken dat die bij de geboorte als 'iets'
meebrengen.
-
De complete en vooral
ook verrassende belevingen van cliënten
over de gehele wereld. Zij geven aan hun ervaringen als
werkelijk te ervaren en niet in staat te zijn iets dergelijks te
fantaseren.
-
Onze eigen ervaringen
als cliënt.
-
Het gegeven dat alles in
de natuur verloopt in kringloopprocessen.
Waarom zouden wij als mensen daar een uitzondering op zijn ?
-
Het
waarschijnlijkheidsonderzoek in het standaardwerk van
H. ten Dam.
-
De aangetoonde
effectiviteit (ook op langere termijn) van
therapeutisch werken met vorige levens
(onderzoek Dr. v.d. Maesen; zie literatuurlijst).
-
Het onderzoek van de
Portugese hersenonderzoeker, die m.b.v.
hersenscans aantoonde dat vorige leven-herinneringen uit een
hersengebied komen dat overeenstemt met het gebied
van verifieerbare herinneringen en dat dat een ander gebied is
dan dat waar fantasieën uit voortspruiten.
-
De getuigenissen van mistici.
-
Religieuze geschriften.
-
En voor hen die in een
God geloven: Hoe kan men, rondkijkend
in de wereld, volhouden dat God rechtvaardig is, indien
reïncarnatie niet zou bestaan. ?
Eén van de gevolgen van dit soort overwegingen is dat
een snel groeiend
deel van de westerse bevolking het steeds waarschijnlijker
gaat vinden
dat reïncarnatie wel bestaat. Puur bewijsbaar is het bestaan ervan
daarmee niet. Voor ons geldt het als de meest waarschijnlijke optie,
temeer daar
wij zelf in toenemende mate ervaren dat het leven een
betekenis heeft en dat er niets zo
maar gebeurt.
Wij gebruiken reïncarnatie dus als werkhypothese. Voor
ons is het
waarschijnlijke werkelijkheid, maar als de cliënt datgene wat hij/zij
ervaart, wil zien als fantasie, of psychodrama, dan is de methode
even werkzaam.
Voor cliënten is het uiteraard vooral van belang of
zij d.m.v. dit werken hun
doel(en) verwezenlijken. Overigens zien wij
dat cliënten die aanvankelijk niet open staan voor de mogelijkheid van
reïncarnatie en die in onze praktijk komen omdat zij van kennissen
hebben gehoord dat de therapie zo effectief is, binnen vier tot vijf sessies
vrijwel zonder uitzondering zelf zeggen dat wat zij ervaren te verrassend
en te compleet is voor fantasie.

Ñ "Ons" wereldbeeld. . . . . . . . . . . . . . . .
Naar ons inzicht is het gehele universum één
levend organisme
(dat dus groeit), waar wij een relatief zelfstandig deel van
uitmaken.
Of wij ons dat nu bewust zijn of niet; wij maken altijd deel uit van
die
éénheid.
Aanvankelijk verkeren wij ín die eenheid, zonder
ervaren. Vanuit
de wens naar ervaren, ontstaat een lange reis; eerst door
minerale
levens, vervolgens door plantaardige, daarna door dierlijke en nu
door
menselijke levens en daarna gaat de reis verder op een
fijnstoffelijk niveau. De
bedoeling van deze reis is dat wij ‘leren’
door ervaren. Steeds als wij op een
bepaald niveau vol-leerd zijn,
gaan wij over naar een volgende ‘school’. Op deze reis leren wij
door middel van contrasten. Wij maken donkere en lichte ervaringen
mee en leren zo geleidelijk de krachten die wij ontwikkelen op de
juiste wijze voor de totale universele ecologie en dus ook voor onszelf
te
gebruiken. Het centrale thema in deze leerreis is dan ook:
In liefde met macht omgaan !
Tijdens dit ervaringsleren maken wij veel dingen mee
die wij goed
kunnen verwerken. Ze vormen samen onze kracht. Er zijn echter
ook
gebeurtenissen die wij niet meteen kunnen verwerken. Ons
overlevingsmechanisme helpt
ons dan, door op dat moment die
inhouden op te bergen in ons onderbewuste. Samen
vormen deze
onze 'zwakte'. Deze elementen manifesteren zich als disfunctioneren
op
lichamelijk, emotioneel, mentaal of spiritueel niveau. De
symptomen van die
blokkades in het hier en nu vragen zelf om
aandacht voor nog overwerkte lee(r/f)stof
en hebben dus betekenis.
Dergelijke bindingen met het verleden maken onvrij en belemmeren
zodoende het groeiproces
naar meer bewustzijn. Tijdens deze reis
zijn dus allerlei onverwerktheden onbewust verknoopt en verkleefd
geraakt. Het
verwijderen van deze hindernissen op ons pad,
maakt
verdere groei
weer eenvoudiger mogelijk, vooral
indien de basis van deze
therapie inzicht is.
Je kunt ook zeggen dat de symptomen laten zien welke
trance uit
shock-ervaringen is blijven hangen. Wij brengen mensen dus niet in
trance, we halen ze eruit. Wij werken eerst met de al aanwezige
trance om door
middel van herbeleving te ont-dekken hoe en waar
en waardoor blokkades zijn
ontstaan. Dan kan de cliënt zelf
onbewuste bindingen met het verleden los maken
om
bewuster aanwezig te zijn in het hier-en-nu.
Wij gaan dus niet met cliënten naar de jeugd, het
geboorteproces,
de baarmoedertijd, vorige levens of tussenbestaanservaringen
als
toeristische trip, maar om therapeutisch te werken aan hindernissen
die het
vrij hier-nu-leven in de weg staan.
Behalve onze eigen ervaringen uit ons huidige en onze
vorige levens
wordt onze huidige persoonlijkheid ook bepaald door het genetische
materiaal dat we meekrijgen. Dit familiekarma beleven en bevrijden
behoort ook tot onze opgaven.
Persoonlijkheid bepalende actoren
Ü
Þ
Ý
. . . . . en dus onze plaats in de gezondheidszorg.
Als groeien in bewustzijn ervaren de betekenis van ons
bestaan hier
op aarde is, zijn wij dus gezond, indien wij groeien en is
stagnatie in
de groei te definiëren als ziekte. Ziekte overkomt ons dan over het
algemeen niet zo maar, toevallig, door oorzaken van buiten (bacteriën,
enz.),
maar door een verstoring van evenwicht in het groeiproces, of
door onvoldoende
inzicht omtrent een gezonde leefwijze. Pas dan
krijgen ziekteverwekkers een
kans. Zo is ziek zijn dus een signaal en
daarmee een hulp, een vriend, ook al
zien we dat meestal niet zo.
In de heersende reguliere gezondheidszorg wordt helaas
de mens als
eenheid te weinig gezien, waardoor vrijwel alleen zieke delen worden
waargenomen. De ziekte wordt dan gezien als een vijand. Om die te
bestrijden,
gaat men zowel in de lichamelijke als in geestelijke
gezondheidszorg’ vooral
over tot een inwendige chemische oorlogs-
voering. Daarmee is niet gezegd dat men
daar niets bereikt heeft.
Vooral op het gebied diagnose en bij noodzakelijk snel
ingrijpen in
acuut levensbedreigende situaties heeft men geweldig gepresteerd.
Ook de chirurgie heeft bijzonder verfijnde technieken ontwikkeld.
Maar dan gaat
het toch vrijwel altijd om ingrijpen achteraf, waar
voorkomen beter was geweest.
[Het is op zichzelf al typerend dat (onder
invloed van het op
winsten gerichte medisch /
farmaceutisch complex) vrijwel
geen (± 3%) onderzoeksgeld wordt uitgegeven aan
preventie
en dat de overheid dat goedkeurt.]
Verder zou het huidige leven niet tot elke prijs moeten
worden
opgerekt. Lichamelijke dood hoort bij het leven. Wie een paar vorige
stervensprocessen bewust heeft doorleefd, weet dat ook dat zin heeft en
verliest
mogelijk zijn angst voor de (eigenlijk niet bestaande) ‘dood’.
(Wat vaak
blijft, is de angst voor de pijn die dat met zich mee kan
brengen.) Mensen gaan
dan vrijer, spontaner, met minder angst(en)
door het leven en krijgen meer
interesse in de kwaliteit van het
bestaan. Zo is deze therapievorm ook een
uitstekende stervens-
begeleiding, omdat zij mensen kan helpen te ontspannen in
het proces
van overgaan.
Alles wat ons overkomt is o.i. dus onze eigen
verantwoordelijkheid.
En dat is echt iets héél anders dan schuld.
Karma
is dan geen voorbestemming, of boete, maar een
herkansing.

Ñ Achteruitkijkspiegel.
In tegenstelling tot allerlei onzinliteratuur komen wij in onze sessies
zeer
zelden beroemde personen (Cleopatra, Napoleon) tegen. Met
name priesteressen in
het oude Egypte zijn elders zeer populair. Als
men
zo’n al of niet echte ‘herinnering’
op een verkeerde manier
‘behandelt’, kan dan het volgende ontstaan. Een
huisvrouw uit
Limburg, in een vorig leven ‘priesteres in Egypte’, die met haar
"therapeut" aan enige ‘side-seeing’ gedaan heeft, eist van haar
omgeving dat men
haar anders gaat behandelen. Ze is immers
eigenlijk een priesteres. Zo heeft men
iemand meer vastgeknoopt
aan het verleden. De bedoeling van therapie is echter
om mensen
meer los te helpen komen van hun verleden.
Een achteruitkijkspiegel in
een auto is een handig ding; het kan
zelfs levensreddend zijn, maar als men
alleen nog in de
achteruitkijkspiegel gaapt, geeft dat aanrijdingen in het hier
en nu.
De enkele keer dat zich wel een beroemdheid aandient, blijkt het
na enig doorprikken vrijwel altijd te gaan om iemand die zich
sterk met een ‘voorbeeld’ geïdentificeerd heeft. De meeste mensen
zijn, vroeger zo goed als nu, gewone burgers. Omdat wij meestal
vanuit een probleemgebied vanuit het nu vertrekken, komen we
doorgaans uit in het leven van mensen die op een of andere manier
het onderspit delven. (Soms gaan wij speciaal op zoek naar levens
die als zeer liefdevol of krachtig werden ervaren.)

Ñ Kwaliteit.
De voorbeelden laten zien dat dit soort werken een
specifieke
opleiding vereist, omdat je als therapeut cliënten in totaal
verschillend
soort situaties en gebieden op de juiste wijze moet kunnen begeleiden.
Helaas kan
iedere onvoldoende en/of niet specifiek geschoolde het
bordje
"Reïncarnatietherapeut" op zijn deur spijkeren.
In Nederland zijn er o.i. twee gedegen opleidingen voor
Reïncarnatietherapeuten; de SRN-opleiding en de
TASSO-opleiding.
Andere opleidingen zijn absoluut onvoldoende. Van de ongeveer
200
actieve reïncarnatietherapeuten in Nederland zijn er zo’n 160 lid van
de NVRT, waarvan er ± 140 zijn opgeleid door de SRN. Er is één
serieuze
beroepsvereniging voor dit vak; de NVRT
(Nederlandse
Vereniging van
ReïncarnatieTherapeuten).
Wij zouden graag zien, dat er meer samenwerking
ontstaat tussen
het kwalitatieve uit de reguliere zorg en de alternatieve
benaderingen.
Dat is in het belang van de cliënten individueel, maar o.i. ook
van
maatschappelijk belang.
Helaas doet vrijwel de gehele reguliere zorg er vrijwel alles aan om
alternatieven het werken onmogelijk te maken. Gelukkig komt er nu
langzaam een kentering op gang. Een aantal leden van de VVTP
(Vereniging Voor Transpersoonlijke Therapie, bestaande uit een aantal
psychiaters en psychologen) heeft na een lezing een speciale training gevolgd
bij de 'School voor Reïncanratietherapie Nederland' en is daar razend
enthousiast over.

Ñ Trance.
Trance is een heel natuurlijk verschijnsel, waarbij
iemand een
verhoogde concentratie richt op een kleiner gebied, waardoor andere
zaken naar de achtergrond verdwijnen. Wanneer we een spannend
boek lezen, of
opgaan in een film, zijn we in feite in trance.
Trance heeft
een slechte naam gekregen door de twijfelachtige
praktijken van
theaterhypnotiseurs die (geselecteerde) mensen wel
in diepe trance brengen, maar
hen daar vaak slecht uit halen. Ook
hebben sensatiefilms, die niet gebaseerd
zijn op wat werkelijk wel
en niet mogelijk is in trance veel mensen bang
gemaakt.
Trancereizen is een oud middel om meer contact te maken
met
verdrongen ervaringen of met andere bewustzijnstoestanden. In
onze praktijk
gebruiken wij een lichte vorm, waarbij de cliënt zich
voortdurend bewust blijft
van het hier en nu en ook steeds kan
ingrijpen en stoppen. In deze inzichtgerichte therapie gaat het er
nu net om dat de cliënt verbanden kan
leggen tussen wat toen
ervaren is en dat wat nu geleefd wordt. Na afloop van een
sessie
weet men dan ook precies welk traject is afgelegd.

Ñ Praktijk.
Wij beginnen met een therapiegesprek van ± 2 uur,
waarin wij
een aantal zaken in kaart brengen: aan welke problemen of
bewustzijnsgroei wil de cliënt werken, wat weet hij/zij daar al van,
hoe is daar
al aan gewerkt, hoe worden blokkades ervaren, wat is
de algemene achtergrond,
wat is bekend over de geboorte, welke
ziektegeschiedenissen zijn er, hoe is de familiegeschiedenis en hoe
functioneert iemand lichamelijk, emotioneel, mentaal
en spiritueel ?
Verder moet duidelijk worden of cliënt en therapeut voldoende
bij
elkaar passen om samen de diepte in te kunnen en of de thematiek
geschikt is
voor onze manier van werken. . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Daarna volgt een aantal sessies, die elk ook ongeveer
2 uur duren.
Na een sessie geven wij meestal oefeningen mee, omdat
verworvenheden een plaats moeten krijgen in het dagelijks leven.
Vooral het
dagelijks oefenen werkt sterk. Wij hebben een voorkeur
voor 1 sessie per 2, 3,
of 4 weken. Gemiddeld zijn wij ± 8 tot 12
maal met een cliënt bezig. Wij dringen
er op aan om alleen te
beginnen, indien men het ingezette proces ook echt wil
afmaken,
omdat onafgemaakte (be)handelingen de kwaal kunnen verergeren.

Ñ Voorbeelden.
[ Wat in de voorbeelden nogal eenvoudig lijkt,
gaat
steeds om samenvattingen van uren werken.
Cliënten zijn uiteraard onherkenbaar
gemaakt.]
"Nee, nu niet !"
Harm kan er niet tegen om aangeraakt te worden. Als
zijn vrouw
hem wil knuffelen, raakt hij in paniek, voelt aandrang tien hoog
uit
het raam te springen en voelt een stekende pijn op de borst.
De gedachte: "Nee,
nu niet !" gaat dan door hem heen. Omdat
dat steeds gebeurt, is hun huwelijk in
moeilijkheden.
Sessie 1.
Inca-ritueel
Een groep twaalfjarige jongens in witte jurken, waarvan
Harm er
één is, rent over een plein. Er omheen staan ernstig kijkende
mannen.
‘Harm’ valt op een gegeven moment in een rode ’smurrie’
(is een drug, die door
de huid heen werkt). Het lot moest iemand
aanwijzen. Terwijl hij een vreemde
wazige bewustzijnstoestand
binnenglijdt, wordt de rest van de jongens van het
plein verwijderd.
De mannen naderen en één van hen roept: "Raak hem niet aan,
anders krijg jij het ook !" In verward bewustzijn concludeert hij
dat het voor anderen gevaarlijk is om hem aan te raken. Even later
wordt op
een altaar zijn hart eruit gesneden (hevige pijn op de borst).
Sessie 2.
MiddenEuropees
‘Hij’ leeft als vrouw alleen aan de rand van een bos.
Zij ziet weinig
mensen en heeft alleen af en toe contact met de smid uit een
dorp
op enige afstand. Op een gegeven moment is ze zwanger en krijgt
een zoon
(was voor de mannelijke cliënt een zeer indringende
ervaring). Een
dag later komt de smid op bezoek. Die heeft al een
vrouw met kinderen en ziet
dit dus niet zitten. Hij vermoordt het
kind en wurgt daarna de moeder, die tijdens het
sterven (zeer ingriffend
moment) roept: "Raak me niet aan !" (Dit
aanraken leidt tot dood.)
Sessie 3. Prenataal
Terwijl Harm’s moeder zwanger van hem is, weert ze
herhaaldelijk
vader af. Die benadert haar steeds dronken voor sex. Zij gebruikt
dan de woorden: "Nee, nu niet !" Harm neemt op basis van zijn
eigen al aanwezige overgevoeligheid rond het thema aanraking,
deze afweer van moeder over. Zó
wordt leren, dat aanraken ook
veilig kan zijn een thema voor zijn huidige leven. Door het ontstane
inzicht rond oorzaken en gevolgen en het therapeutische werk
bij
elk van de sessies, is de paniek en de pijn op de borst bij aanraking
verdwenen. De cliënt leerde
langzaam maar zeker dat aanraken niet
alleen veilig, maar zélfs aangenaam kan
zijn.
"Ik moet op mijn hoede zijn."
Lisa (28 j.) is bang voor alleen zijn en voor mannen.
Ze heeft vaak
het gevoel achtervolgd te worden. Ze merkt op dat ze afstand houdt
t.o.v. haar vader. Ze is bijna altijd erg op haar hoede, hetgeen haar
erg
beperkt in haar vrijheid en in het aangaan van sociale contacten.
Ze voelt zich
vaak in de steek gelaten.
Sessie 1.
Jagerscultuur
Als vrouw is ze alleen bij haar hut. Haar man is op
jacht. Ze hoort
paarden aankomen en ziet wild uitziende mannen te paard. Ze
probeert weg te komen, maar wordt opgejaagd. Uiteindelijk wordt
ze omver
gereden, meegesleurd, door een aantal mannen verkracht
en vervolgens gedood.
Sessie 2.
Huidige leven.
Ze is 8 jaar en alleen in huis. Even later komt vader
thuis, die haar
tegen zich aantrekt en daarbij hevig hijgt. De hele atmosfeer
beangstigt haar enorm. Vader doet zo raar en ze begrijpt niet wat
er gebeurt. Ze
roept om moeder, die niet verschijnt. "Als ik ze
nodig heb, zijn ze er
niet", denkt ze. Als vader ophoudt met
‘raar doen’, moet ze naar bed; alleen.
[Deze sessie heeft haar hevig
geschokt; ze wist hier niets meer van en kan nu
als volwassen
vrouw wel zien wat daar volgens haar gebeurd moet zijn. Het
is
nog een hele kunst om haar te helpen emotioneel weer zo in
evenwicht te
komen, dat ze naar huis kan.]
Sessie 3.
Toeschouwerleven
Ze komt in een leven, waarin ze het aanvankelijk fijn
heeft met
haar man. Geleidelijk aan wordt die man echter steeds ruwer.
Als hij
op een gegeven moment hun dochtertje gaat misbruiken,
biedt ze eerst wel verzet,
maar wordt dan zelf verkracht en
mishandeld. Na een aantal keren, biedt ze geen
verzet meer.
Ze voelt zich verschrikkelijk machteloos. Na haar overlijden
rest
een knagend schuldgevoel, omdat ze haar kind niet voldoende
heeft beschermd en
trekt ze zelf de conclusie: "Hier moet ik voor
boeten.".
Sessie 4.
Daderleven
Ze is nu een hij, een eenzame bediende. Hij betrapt in
de kelder
een dievegge, die hij mishandelt en verkracht. Daaraan houdt hij
een
knagend schuldgevoel over. Na zijn dood blijft ook hier het
idee over dat hij
hiervoor zal moeten boeten.
Zo zijn alle symptomen aan bod gekomen. We hebben
gewerkt
aan het loslaten van angsten en conclusies die zich hadden
vastgezet. Ze
begrijpt nu dat ze niet hoeft te boeten.
De verhouding met vader blijft een
probleem; o.a. omdat hij
blijft ontkennen. Ze wordt vrijer en opener en geeft duidelijker
haar grenzen aan.


Narcose-ingriffing.
Frits bemerkt dat hij sinds een jaar of acht steeds
dover wordt
aan de rechterkant. De arts die niets kon vinden, heeft hem
doorgestuurd naar een specialist, die ook geen oorzaak kan
ontdekken en hem naar
huis stuurt met: "Het zal wel psychisch
zijn." Sindsdien is het probleem
geleidelijk verergerd. Tijdens het
therapiegesprek schakelt hij van dit relaas
plotseling over naar een
darmoperatie die hij negen jaar geleden onderging.
Mijn intuïtie
zegt me dat ik daar moet zijn voor de wortel van dit probleem.
Sessie 1.
Bewustzijnscomplicatie
In de sessie werken wij die narcose door. De cliënt
ervaart
zichzelf als tegen het plafond hangend, terwijl onder hem zijn
lichaam,
omring door doktoren en verpleegsters, op de
operatietafel ligt. Er gaat van
alles fout. Ze dreigen de patiënt te
verliezen. Iemand wil hem al opgeven.
Kortom is er behoorlijke
‘paniek’ Je kunt je wel voorstellen in wat voor
verwarring de
geest van Frits moet verkeren. De uit-het-lichaam-ervaring op zich
is
al erg
vreemd en de sfeer in de operatiekamer maakt het er niet
beter
op.
Tenslotte wordt de professor (universiteitskliniek) er bij
gehaald. Deze is
ontzettend kwaad, omdat er allerlei fouten zijn
gemaakt. Tijdens deze hele
hectische toestand, maakt een kleine
man rechts van zijn lichaam een aantal
malen opmerkingen als:
‘Dit is niet voor zijn oren bestemd.’ ‘Dit mag hij niet
horen.’
In de bewustzijnscomplicatie waarin Frits zich bevindt, is zijn
rechteroor dit gaan vertalen in toenemende doofheid. Nadat
Frits zijn boosheid
t.o.v. ‘die kleine man’ heeft mogen uitleven,
hebben we een aantal technieken
toegepast om het rechteroor
te reinigen van de ingegrifte ‘opdracht’. Hij bleek
aan deze ene
sessie genoeg te hebben om ook rechts weer normaal te kunnen horen.
Aanhechting van vreemde energie (entiteiten)
[Vooraf:
Sommige ‘geesten’ kunnen na hun overlijden, niet los
komen van de aardse sfeer. Ze
blijven hier rondhangen en kunnen
zich aan een gebouw (‘klopgeest’) of een
persoon (obsessor)
hechten. Vooral cliënten die eenzaam zijn, een laag zelfbeeld
hebben, of die hun eigen energieveld verzwakken door
bijvoorbeeld overmatig alcohol- of druggebruik zijn hier vatbaar
voor. Sommige dragers van vreemde
energie merken die
aanwezigheid op (bijv. stemmenhoorders), maar anderen
hebben
niets in de gaten en ervaren alleen een aantal van de
negatieve gevolgen (bijv.
psychose, in de war zijn, steeds zeer
moe wakker worden, zelfverwonding).]
Stemmen
Peter hoort regelmatig stemmen die anderen niet horen.
Hij is er
bang voor en behoorlijk in de war, vooral ook omdat één van de
stemmen
wil, dat hij een einde aan zijn leven maakt. Hij is een
periode van zes maanden
opgenomen geweest in een inrichting.
Daar kreeg hij onderdrukkende medicijnen en
één maal per week
een gesprek van een half uur. Zo worden de stemmen wat minder
opdringerig, maar verdwijnen niet. Peter vertrok er met de
boodschap: "Hier is
verder niets tegen te doen, blijf je tabletten
slikken." Nu, vier jaar met zeer
veel drukte in zijn hoofd later, is
Peter het zat om door al die sufmakende
middelen als een halve
zombie door het leven te gaan en komt bij ons. Er blijken
bij Peter
diverse obsessoren te kleven. Vooral de ‘man’ die zijn dood wilde,
is
erg hardnekkig. Het kostte bijna vier uur eer het hele clubje wilde
vertrekken.
Na deze eerste sessie was Peter volledig uitgeput. In het
vervolg hebben we
uitgezocht, waarom hij zoveel meedroeg. Het
bleek dat hij een aantal jaren
geleden erg veel gedronken had en
dat hij zich in die periode ook erg eenzaam
had gevoeld.
Bovendien had hij tien jaar geleden meegedaan aan een
"spelletje"
‘geesten oproepen’. (Bij hem waren dus drie uitnodigingen voor
vreemde energie aanwezig. Daarna had het medicijngebruik het
probleem allen nog
maar verergerd.) We hebben dus gewerkt aan
eenzaamheid.
Verder
hebben we zijn aura gereinigd van de vervuiling
die was ontstaan
door drank- en medicijnmisbruik. Hoewel Peter nog
het nodige
huiswerk te doen heeft,
hoort hij geen stemmen meer.
Hij meldt:
"Ik voel me wonderbaarlijk fit, alsof ik
totaal nieuwe
energiebronnen heb aangeboord." De psychiater die hem ‘hielp’
reageerde
op zijn plotselinge genezing met: "Dat is de nawerking
van mijn
behandeling; je gelooft toch zeker zo’n kwakzalver met
spookverhalen niet." Ik
vind zo’n reactie erg kleinzielig, maar
Peter kon er alleen maar
om lachen. Nu gaat hij o.a. de moeilijke
weg om van zijn medicijnverslaving af
te komen.
Spirituele dimensies
Karin heeft in haar huwelijk erg veel moeite om serieus
genomen te
worden, vooral als ze met betrekking tot boosheid gehoord wil worden.
Sessie 1. Ronselaar
Karin is hier man. Door de pachtheer, waarmee hij zich
in macht
erg identificeert, is hij er op uitgestuurd om mensen te ronselen
om
voor hem te werken. Hij gaat naar een vreemde stam, ziet op
het veld vrouwen en
kinderen en begint te schreeuwen: "Kom
werken voor de pachtheer." De mannen, die
hij niet gezien had,
komen op het geschreeuw af, zien de rare vreemdeling en
beginnen
met speren te gooien. Hij probeert weg te komen, krijgt een speer
in de
rug en sterf, geschokt dat ze niet naar hem luisteren en hem
niet serieus nemen.
Sessie 2.
Opstandeling
Karin is wederom een hij. Nu is hij lid van een groep
die in opstand
komt, omdat men niet steeds meer af wil geven aan de
grootgrond-
bezitter. De groep opstandelingen is samen op het dorpsplein, wat
verboden is. Plotseling komen de vertegenwoordigers van het gezag
te paard het
plein op. Hij is het echt zo zat, dat hij openlijk in
opstand komt. Hij wordt
meegenomen en in een heel kort ‘proces’
veroordeeld en ter dood gebracht. Hij sterft weer met het idee niet
gehoord en niet serieus genomen te worden.
[In de polariteit (aan de kant van de macht en die van
de onmacht)
heeft hij dezelfde ingriffende doodservaring. Deze gedachten worden
een self-fulfilling-prophecy in haar huidige leven.]
Sessie 3. De sferen
Karin komt in "de sferen" (andere dimensie-ervaring).
Dit betreft
een zeer fijnstoffelijk niveau. Ze is in een soort paradijselijke
tuin,
heel vredevol, met prachtige bloemen en kleuren en een bijzondere
spirituele sfeer. De ‘mensen’ hebben telepathisch contact en
onderwijzen en vertellen elkaar omtrent hun kennis op allerlei
gebied. Er zijn veel ‘rassen’ vertegenwoordigd en iedereen
respecteert iedereen. Ze beseffen dat iedereen van onschatbare
waarde is. De cliënt gaat begrijpen dat zij al het vermogen bezit,
om met respect naar anderen toe en tegelijk naar zichzelf te
communiceren en dat dat opnieuw tot bloei kan komen. Haar
probleem had meer met vinden van de juiste vorm van
communicatie dan met kwaadheid en niet serieus genomen worden
te maken. Met dat huiswerk is ze nu bezig. Voor de cliënt was de
laatste sessie in het licht van de twee voorgaande een bijzondere,
diepe spirituele ervaring.
Lusteloos.
Marla (23j.) is sinds het einde van haar pubertijd
steeds lustelozer
en zwaarmoediger geworden. Ze is verliefd op een jongeman die
haar ten huwelijk heeft gevraagd, maar daar is ze, zonder te
begrijpen waarom,
ook erg bang voor. ’Daardoor’ stelt ze haar
antwoord steeds uit.
Sessie 1. Uitgehuwelijkt
Ze ervaart zichzelf als een rijke jonge vrouw die wordt
uitgehuwelijkt. Omdat ze haar ‘verloofde’ helemaal niet ziet zitten,
weigert ze
dit huwelijk. De enige uitweg is dan het klooster. Daar is
ze bijzonder
ongelukkig, vooral omdat dit niet haar ‘levenswens’ is.
De ‘eindeloze’ sleur,
waarin ze terecht komt, maakt haar moe en futloos.
Sessie 2.
Wegkwijnen
Dit keer is ze als jonge burgervrouw verliefd op een
jongeman van
rijke komaf. Ze onderhoudt met hem een stiekeme relatie. De vader
van deze jongeling gebruikt zijn invloed om haar gevangen te laten
nemen. Ze kwijnt dan langzaam weg in de gevangenis. Door de
slechte verzorging en het gebrek aan menselijk contact zakt ze weg
in een vage bewustzijnssliert, raakt bewusteloos en sterft, zonder
dat daar enig besef van is.
Beide sessies verklaren de onbewuste angst voor een
huwelijk.
Het besef dat deze angst niet bij het huidige leven hoort, helpt haar
om deze los te laten. Daarnaast hebben beide sessies een, wat wij
noemen, hang-over-karakter (de sleur en tegenzin uit de eerste sessie
en het wegzinken
in een wazige onbewustheid uit de tweede). Vooral
doordat ze volledig onbewust
in het sterven wegglijdt, blijft de moeheid,
de uitzichtloosheid, de
zinloosheid
voortduren. Het heeft als het ware
nooit opgehouden.
Exemplarisch is
dat dit gevoel ongeveer op dezelfde
leeftijd opkomt,
als waarop het begonnen is
zich vast te zetten in
die vorige levens.
Dit soort sessies is stroperig en
vermoeiend en vereist een totaal
ander soort begeleiding. Het is vooral
belangrijk dat het tot de cliënt
doordringt dat het daar, toen is opgehouden.

Ñ Bezwaren
[ Hier volgen veelgehoorde bezwaren tegen
reïncarnatietherapie voorzien van enig commentaar. ]
- " Het reïncarnatiedenken hoort niet thuis
in onze christelijke
cultuur. Je vindt er ook niets over in de Bijbel. "
In het vroege Christendom werd reïncarnatie wel als achtergrond
aangenomen. Over ‘moleculen’ en ‘genen’
staat niets in de Bijbel
en toch heeft niemand er nu nog moeite mee die te
accepteren.
Iedereen weet ook wel hoe de kerk zich op basis van de Bijbel
verzet
heeft tegen een ronde aarde die niet het middelpunt van het
heelal is. Er zijn
diverse theologen die beweren dat je de Bijbel
helemaal niet kunt begrijpen als
je haar niet leest vanuit bewustzijn
over reïncarnatie. Ds. H. Stolp bijv. (had
als ziekenhuispastor veel
te maken met patiënten met
Bijna-Dood-Ervaringen): "Deze
tegenstand komt voort uit gemakzucht en angst voor
verantwoordelijkheid en
culturele veranderingen. Ze is een rest
van een stervende overrationele
cultuur."
Terwijl reïncarnatie helemaal niet zo cultuurvreemd is
dan sommigen
willen doen geloven, kun je je ook afvragen, waarom iets alleen
maar
goed zou zijn als het uit de (arrogante) westerse cultuur of haar basis
voortkomt. Wij zijn van mening dat het noodzakelijk is om tot een
integratie te
komen van de oosterse en westerse benadering. (In de
moderne natuurkunde heeft
die integratie al plaats gevonden.)
- " Culturen uit het oosten hebben ons toch
al lang laten zien
tot welke starheid dat hele reïncarnatiegedoe leidt. "
Onze ervaring is dat mensen door dit werk gaan ervaren
hoe ze zijn
ge- en mis-vormd door hun eigen reacties op ervaringen, hoe ze die
reacties kunnen verbeteren en hoe ze nu zelf bewust en actief vorm
geven aan hun
eigen toekomst en die van hun medemensen. Dat
leidt dus tot het nemen van méér verantwoordelijkheid voor je eigen
denken en doen en voor het verspreiden van
méér bewustzijn en
inzicht. Als je uitgaat van meerdere levens, waarin je ooit
zult oogsten
wat je gezaaid hebt (een Bijbelse uitspraak overigens) dan kun je
geen
enkele verantwoordelijkheid meer afschuiven; je kunt God, het toeval,
je
ouders o.i.d. niet meer de schuld geven van jouw situatie. Helemaal
zelf
verantwoordelijk zijn voor alles in je leven vinden veel mensen
een eng idee.
Dan ‘moet’ men namelijk uit de massa stappen en een
individu (= ongedeeld
iemand) worden en daar is moed voor nodig.
De starheid die in een aantal
oosterse culturen waarneembaar is, komt
voort uit maatschappelijke machtsposities (bijv. het kastesysteem)
en uit
verkeerde ideeën
over reïncarnatie.
- " Reïncarnatie als basis voor therapie
deugt niet, omdat het een
geloof is. "
Het één-leven-geloof is een geloof, terwijl steeds meer
mensen ervaring
hebben met herinneringen aan vorige levens. "Het is goed om vast
te
stellen dat de moderne reïncarnatietherapie niet is ontstaan vanuit een
geloof, maar in de therapiepraktijk is ontdekt,
terwijl er niet naar werd
gezocht.
- " Mag dit wel ? Op deze manier pleeg
je toch inbraak;
forceer je !"
Dit mag en 'moet' volgens ons om diverse
redenen:
Wat zich nu aandient in disfunctioneren, is nú zinvol. Wij horen van
bijna alle cliënten dat de veranderingen door henzelf als positief
ervaren worden en dat dit therapeutisch / spiritueel werken veel in hun
leven op een positieve manier in beweging heeft gezet. Deze manier
van contact maken met de diverse verdrongen ladingen wordt als
organisch en respectvol ervaren. Deze soort werkwijzen zijn o.i. nu
noodzakelijke instrumenten om de bewustzijnsverandering te helpen
bewerkstelligen, die nodig is om de remmende restanten van het
verleden (ook collectief gezien) op te kunnen ruimen, zodat de
sprong in de komende tijd gemakkelijker wordt.
Indien je niet zou mogen werken met onbewust geworden ervaringen,
mag je ook geen verdrongen herinneringen uit de jeugd bewust
maken en onderzoeken.
- " Waarom spreken jullie niet over
regressietherapie, wat toch
een minder beladen naamgeving is ?"
‘Regressie’ betekent in feite ‘terugval naar een
infantiel stadium’.
Daar werken wij niet mee en dat beogen wij al helemaal niet.
Verder wordt de term ‘regressie’ door veel hypnotherapeuten gebruikt
voor het
proces waarin zij cliënten van enige afstand naar
gebeurtenissen uit hun jeugd
laten kijken, waarna zij meestal een soort
herprogrammering toepassen. Wij gaan
met cliënten dwars door een
ervaring heen en beogen vrijheid i.p.v. herconditionering in een patroon.
Bovendien willen wij met onze naamgeving
benadrukken dat wij een
ruim verleden bij het hier-nu betrekken en daarbij het spirituele aspect
voorop plaatsen.
- " Waarom herinneren we ons niet zomaar,
zonder kunstgrepen
dingen uit een vorig leven ?"
Veel jonge kinderen herinneren zich spontaan aspecten
uit vooral het
voorlaatste leven. De meeste zogenoemde volwassenen nemen die
verhalen echter niet serieus, waardoor kinderen dit weten gaan
opsluiten
in hun onbewustzijn. (zie I. Stevenson)

Ñ Gedragen worden.
Een aantal ervaringen tijdens het werken met
reïncarnatietherapie
versterken op een bijzondere manier het weten dat we
‘gedragen
worden’. In de eerste plaats is dat het beleven van het bardo
(‘tussenbestaan’). Zeer veel cliënten verkennen in de loop van de
therapie deze
ervaringswereld tussen twee belichaamde levens in.
Ze kunnen dan ervaren hoe we
allemaal begeleid worden in onze
processen. Ook kunnen ze daar glimpen opvangen
van de schitterende
werkelijkheid waar we allemaal naar toe groeien. In de
tweede plaats
maken veel cliënten contact met gidsen, geleidegeesten. Anders dan
de entiteiten die ons uitputten (zie voorbeeld 4), zijn er ook hogere
bewustzijnen die ieder van ons bijstaan. Bewust zelf contact maken
met deze energieën, blijkt velen te helpen, om ook na de therapie de
communicatie daarmee te onderhouden. Dat heeft een zeer
groeibevorderend resultaat.
We weten dan dat we gesteund worden en dat het o.k. is,
dat we in
ons groeiproces zijn
waar we zijn.
Acceptatie van, sterker nog,
houden van, onze huidige
staat van zijn,
is één van de belangrijkste
factoren die verdere groei
mogelijk
maakt.

Ñ Incarnatie & Geboorte.
Afhankelijk van de staat van bewustzijn die al
ontwikkeld is, maken
we in het ‘tussenbestaan’ minder of meer bewust ‘keuzes’
voor onze
komende incarnatie. Echt zelf weten hoe dat was voor onze huidige
belichaming kan ons helpen onze actuele situatie makkelijker te
aanvaarden en
ons er toe aanzetten ons leven een bewustere richting
te geven. Daarmee treden
veel mensen uit het slachtoffer-bewustzijn
en gaan steeds meer beseffen dat ieder van
ons hier is om iets unieks
neer te zetten
en niet om andere te imiteren
of om zich aan te passen
aan de massa. De
prenatale fase en met name
het geboorteproces
zelf zijn van groot belang voor de
manier waarop
we in ons leven
omgaan met onze leerwegen. Daarin worden vaak de
thema’s en
de blokkades voor het komende leven aangezet. Daarmee
is niet
gezegd
dat alles in ons leven van te voren vaststaat. We houden
de vrije keuze
over hoe we met onze leeropgaven omgaan. Daarom is
het ook
bijzonder
verhelderend om bewustzijn te brengen in deze
levensstart,
hetgeen in vrijwel elk proces met onze cliënten gebeurt.
|